TERUGBLIK OP DE EXCURSIE NAAR TEYLERS ERFENIS
Een bezoek aan het zogenaamde “Teylers” is wat anders dan naar een museum gaan
dat zich op één van de gangbare beeldende kunstvormen richt.
Andere uitzonderingen zijn de wetenschapsmusea als het Nemo en Boerhaave
en de kleinere gemeentemusea waar men ook soms de regionale geschiedenis laat zien.
De kern van Tylers is niet alleen een collectie maar alles ineen.
Je kunt het zien als de opvolger van de rariteitenkabinetten van gegoede burgers;
een onderzoekslaboratorium; een pronkkamer; een instrumentenverzameling; een schilderijententoonstelling en sinds kort het voormalige woonhuis als museumwoning. Aangezien wij tot onze verrassing niet de enige groep op de dag bleken ter zijn,
was de aanloop wat rommeliger en hebben wij onze deelnemers in het museumcafé
bij elkaar geraapt zonder de verenigingskoffie.
Om half twaalf werd de tijdelijke tentoonstelling van en over Hockney door een medewerker op moderne wijze met de laptop geïntroduceerd in de klassieke gehoorzaal.
Met in plaats van componisten, zoals in het concertgebouw, onder de grootheden uit de wetenschap langs het plafond. Nobelprijswinnaar Lorentz bijv. had in Teylers een eigen Lab. Dat ook door groepen kan worden bezocht, maar dat stond nu niet op de lijst van mogelijkheden.
Na de uitstekende introductie van de tentoonstelling van en over Hockney kon ieder
in kleinere eenheden en in eigen tempo en naar keuze de verschillende delen van het museum bezoeken. In principe was er natuurlijk met een goed uur te weinig tijd
om alles tot je te nemen. In het Teylers huis was bij voorbeeld een ruimte waar op schermen een overzicht van de geschiedenis van Haarlem, in relatie tot de wetenschap in Nederland werd gegeven. Dat alleen al zou genoeg van de gegeven tijd vergen.
Een goede reden om nog weer eens terug te keren voor een vervolg als er een volgende tijdelijke tentoonstelling komt. De schrijver dezes was eerder ook eens geweest bij één van de vorige met de schitterende dieren en vogels van de foute, lees racistische, maker.
Er komen ongetwijfeld weer uitdagende expositie, waarin vroeger, de wetenschap en kunst worden verbonden, zoals ze dat zelf als motto hebben.
Hierna togen we bijna voltallig naar het “Tylertje” Een passende gelegenheid maar
niet heel ruim. Toch lukte het de “bemensing “ ons van consumpties te voorzien.
En werd er zoals gewoonlijk weer bijgepraat en nieuwe contacten gelegd, want we bezochten niet alleen een museum van verbindingen, we zijn ook
een vereniging van verbindingen.
Zelfportret van Hockney met een Ipad
HOCKNEY’S OGENTROOST
we kijken
onophoudelijk
met of zonder bril
naar wat ons bezig moet houden
wat we zien valt
in allerlei verhoudingen uiteen
die we ontdekkend eigen maken
of waar we
onopgemerkt aan voorbijgaan
veld en zelfbeelden
die onzichtbaar de geschiedenis
in zich dragen
vullen de tijd op
kleuren als kinderen
openen tedere vergezichten voor nabijheid
bereiken het verwonderd brein
in perspectief dat volstaat
Dick van Hoeve
Geen opmerkingen:
Een reactie posten